>
Werk in uitvoering,
zie Toelichting
top
banner
Naar de Verenigingssite Naar Binnenvaarttaal
Aanvullingen en correcties zijn welkom.

Naar menu teksten.

spijsolie in de binnenvaart


door Jos Telleman


Op verzoek schreef Jos Telleman een stukje over de zogenaamde eetbare oliën en het vervoer daarvan via de binnenvaart.


Wie kan zich nog de 'Alvracht' tankschepen, met oranje boeiingen daarop de naam in blauwe letters en de zwarte trunk met een oranje band voor zich halen? Ze vervoerden eetbare oliën en vetten voor Unilever door heel Europa.

Om mee te beginnen maar een stukje geschiedenis uit het door mij geschreven boek over 'Alvracht':


zonder

In 1918 werd door de dhr. Anton Jürgens, eigenaar van Anton Jurgens' Margarinefabrieken N.V.&, het "Algemeen Vrachtkantoor N.V." opgericht met de taak: "het uitoefenen van het reders-cargadoors en expeditiebedrijf en alles wat daarmee in den ruimste zin verband houdt".
Hij begreep toen al dat de aanvoer van de ruwe grondstoffen naar zijn margarine-fabriek in Oss, een gespecialiseerd en een gewaarborgd transport moest zijn.

Dhr. Simon van den Bergh die eveneens in Oss zijn eerste margarinefabriek had, is later verhuist naar Rotterdam. Daar heeft hij aan de Nassauhaven de "Van Den Bergh margarinefabriek" gevestigd. Deze staat nog steeds bekent als de 'Blue Band fabriek'.

Daardoor kwam het dat er in die tijd een aantal sleeptankschepen op de rivier waar te nemen waren onder de namen van Jürgens 1, 2 enz. en een aantal schepen met de naam Van Den Bergh 1, 2 enz.. In 1927 fuseerde de bedrijven van deze heren tot 'Margarine Unie'. Het was dan ook een logische stap dat toen de twee margarinefabrikanten fuseerden, het Algemeen Vrachtkantoor NV een taak toebedeeld kreeg in het vervoer van de grondstoffen.

Twee jaar later, in 1929. fuseerde de 'Margarine Unie' met de Engelse zeepfabrikant Lever Brothers' en zo ontstond het huidige 'Unilever'. Toen de fusie tussen de 'Margarine-Unie' en 'Lever Brothers' een feit was, veranderden de namen van de schepen in Unilever 1, 2 enzovoort. In 1932 had de Alvracht in totaal 9 Unilever sleeptankschepen en 5 motortankschepen tot haar beschikking. In de jaren 1932/1939 werd de naam Unilever op de schepen veranderd in Alvracht met daar achter een nummer. (bron boek Historie Alvracht en Elbe)

In het begin van de tachtiger jaren ging men ook voor derden varen en kwamen er steeds meer laad- en losplaatsen bij. In 1991 volgde een overname door 'NV Phs. van Ommeren's Scheepvaartbedrijf' en werden de schepen omgedoopt. Daarna volgde een fusie met de firma 'Pakgoed' en ontstond 'Vopak'. Weer later volgden nog meer wisselingen.

Okay, dat was een stukje historie over 'Alvracht', maar wat verstond men nu onder die eetbare oliën en vetten? We kennen het wel een beetje van de margarine- en zeepindustrie, maar tegenwoordig worden diverse eetbare oliën en vetten in een hoop andere dingen gebruikt zoals bij voorbeeld in chips, koekjes, pasta's en zo veel meer, maar ook in non-food producten zoals waspoeder, tandpasta, make up en scheerschuim. Eigenlijk teveel om op te noemen. Bij het raffineren komen er bovendien veel bijproducten zoals vetzuren, glycerine's e.d. vrij. Dezen vinden ook weer toepassing bijvoorbeeld in smeermiddelen voor uiteenlopende doeleinden.


De bestemmingen van de Alvracht-schepen.

De Alvracht-schepen vervoerden veel ruwe producten afkomstig uit zeeschepen die bij de 'Nieuwe Matex', tegenwoordig 'Vopak Vlaardingen', en bij 'Panocean Pernis', tegenwoordig 'Koole' kwamen lossen. De Alvracht-schepen kregen de lading vaak direct uit de zee'boot', maar er kwam ook veel uit de opslagtanks aan land, waarin de grondstoffen voor de Unilever fabrieken in Nederland werden opgeslagen.
Vandaar ging het onder meer naar de 'Verenigde Oliefabriek Zwijndrecht' (later 'Unimills' en thans 'Sime Darby Oils') die de olie raffineerde, waarna het weer terug in de schepen ging en voor de margarine fabrieken van Unilever in Europa bestemd was.


zonder
In 1969 werd de Alvracht 19 in de vaart gebracht. Het schip was 1236 ton groot. [DB 03310502]
Inzender: Jos Telleman. (groter formaat)

Er gingen ook vaak ruwe producten rechtstreeks naar de verwerkingsfabrieken. In Duitsland werd er gelost en geladen bij de Unilever fabrieken 'VDO Mannheim', 'Ölwerke Germania' (later Unichema nu Croda Emmerich), maar ook bij de 'Sunlight Mannheim Rheinau', de 'Estol Mannheim' en 'Union Kleve' die nu zijn gesloten en waar alleen gelost werd.
Er werd veel geladen bij 'Ölfabriek Spyck' (nu ADM Spyck), waar af en toe, als het laag water was op de Rijn en de schepen niet naar Kleve konden, ook lading werd gelost in tankwagons, die dan naar Kleve reden.
In België werd er gevaren naar de fabrieken van 'Union' in Merksem en Baasrode. Er werd in Antwerpen dan vaak palmpitolie en kokosolie terug geladen uit zeeboten voor Wormerveer in Nederland. Dit waren zeeschepen van de C.M.B. Ze kwamen uit Kongo dat later Zaïre en nu DR Congo heet.


Plantaardige vetten


Men spreekt van olie als het bij 'normale' temperaturen vloeibaar is, men spreekt van vet wanneer het bij die temperaturen min of meer vast (smeerbaar) is. Sommige tropische oliesoorten behoren daarom in Nederland tot wat men vetten noemt.

Voorkomende vetten waren onder meer; Palmolie, Palmpitolie en Kokosolie. Wat vroeger gefabriceerd werd bij o.a de 'VOZ' (Verenigde Oliefabrieken Zwijndrecht), 'Brinkers' te Oudewater, in Duitsland bij 'Walter Rau' in Neuss en verder nog bij vele andere kleine fabrieken. Deze vetten werden veel aangevoerd uit Afrika en Azië. Ook was er nog Babasuolie wat toen een van de duurste vetten was.

(Een palmvet uit het Braziliaanse regenwoud dat tegenwoordig op ruime schaal verbouwd wordt en onder andere toepassing vind in huidcrèmes.)


Plantaardige oliën

Sojaolie kende 4 soorten; namelijk ruwe, ontslijmde, degummed* en geraffineerde olie. Veel kwam van de 'Central Soja' in Utrecht en 'Unimills' in Europoort.
Raapolie voor industrie en later Canola** voor consumptie. Dat kwam vroeger van 'Speelman Overschie' en van Duitse fabrieken als 'Ölwerke Spyck', 'Thywissen' en 'Sels', beiden in Neuss, plus vele anderen bedrijven.
Zonnebloem en Saffloer, wat gemaakt wordt van distels, kwam uit Europa en dan voornamelijk uit Rusland en Oekraïne.
Castorolie afkomstig uit Afrika en Azië ging veel naar 'Alberdingk Boley' te Krefeld. Wordt veel gebruikt in make-upartikelen en als wonderolie.(Je weel wel als je stoelgang niet zo best gaat, moest je dat innemen.)
Katoenzaadolie komt vanuit Noord-Amerika, Mexico, Afrika, Azië en Australië. Wordt veel toegepast in shampoos en ook in margarines.
Maisolie en Grondnotenolie (pindaolie) komen overal vandaan. Maisolie veel als bestanddeel in tafelolie en pindaolie om te frituren (Chinees wokken). Katoenzaadolie (daar zijn 4 verschillende soorten van) eveneens voor bakken, braden en frituren (Chips).
Lijnolie (vlaszaadolie) komt meestal van div. fabrieken in Belgie. Lijnolie gaat vooral naar Krommenie voor de linoleumfabriek.

* Bepaald raffinageproces om wateroplosbare vetzuren af te scheiden.
**Geperst van koolzaad met een laag Erucazuur gehalte.


Melasse's

Bietmelasse kwam vanaf diverse suikerfabrieken in Nederland en Cubaanse suikerrietmelasse uit Cuba per zeeboot.
Met deze soort melasse's hebben we in 1987 met de Alvracht 11 (II) ruim 4 maanden vaste dienst gehad vanaf de laadinstallaties in Amsterdam en bij de Suikerfabriek Puttershoek naar de 'Unifern' fabriek in Hitdorf/Monheim am Rhein (D). (Zie reisverslag Alvracht 11 (II) op mijn webblog.)



zonder
In 1980 werd er een voormalige Shelltanker tot Alvracht 11 omgedoopt. Het schip was 1259 ton groot. [DB 02310983]
Inzender: Jos Telleman. (groter formaat)

Dierlijke vetten

Vervoerd werd ondermeer 'Tallow' (talg) dat gewonnen werd uit restanten van runderen, daar zijn er maar liefst 11 verschillende soorten in, en 'Grease' (vet/smeer) van schapen, daarvan had je ook 4 soorten. Beiden waren voor de zeepindustrie. Bestemmingen 'Lever's Zeep Mij.' in Vlaardingen (Waar je in de kantine voor weinig geld een goede warme maaltijd kon eten.), 'Sunlight Mannheim Rheinau' (D) en 'Unichema' Gouda. Verder walvistraan en Menhadentraan* waar levertraan van werd gemaakt (u weet wel dat vieze spul wat je vroeger moest innemen van je moeder). Visolie was ook echt smerig, stonk en van de dampen ging je huilen en snotteren. Geraffineerde visolie werd vroeger in de goedkopere margarine's verwerkt, het werd in de koelkast keihard. Het kwam ook allemaal per zeeboot vanuit heel de wereld. Nu worden talk, visolie en traan nog maar mondjesmaat aangevoerd en moet er eerst toestemming komen van de VWA** voor men mag lossen.

* Vissoort uit de familie der haringen.
**Voedsel- en waren-authoriteit.


Geraffineerde produkten



VOZ Zwijndrecht

Geraffineerde olie en vetten gingen met een Alvracht schip in vaste dienst naar 'Van den Bergh & Jurgens' (Blue Band) aan de Nassaukade in Rotterdam, meestal 5 reizen in een week (weekends vrij) en ook gingen er wekelijks 1 of 2 schepen, met deze producten naar de 'Union' te Merksem (B) en de 'Union' in Kleve (D).

De codes hieronder geven het product en het bijbehorende smeltpunt in gaden Celcius


Geraffineerde palmolie:
PO 44, r.b.d.PO, PO 44 (geraffineerde palmolie)
DNPO (gedistileerde geneutraliseerde palmolie)
POS 52 (palmolie stearine)

Geraffineerde visolie:
FH 36, FH 37 en FH 42

Geraffineerde sojaolie:
BO 35, BO 43 en DIBO

Geraffineerde raapolie:
RP 32

Geraffineerde zonnebloemolie:
INEZ

De restanten van de raffinage van de diverse oliën en vetten leveren diverse vetzuren op. Vanaf de VOZ werd weinig per schip vervoerd. Het waren hooguit ca. 5 reizen per jaar meestal naar de 'Nieuwe Matex' in Vlaardingen.
Het waren hoofdzakelijk de navolgende vetzuren die vervoerd werden: Mengvetzuren, Sojavetzuren, Zonnebloemvetzuren, Kokosvetzuren, Traanvetzuren en Visvetzuren.
De rest werd met tankauto's gedaan, want dat waren minimale hoeveelheden.


Unichema te Gouda en Emmerich.

Producten van plantaardige en dierlijke oliën en vetten die werden verkregen door raffinage.

Dimeer
Monomeervetzuur
Polyester Polyol
Geharde Talk
Stearine (ex Monomeer)
Gesplitste Stearinegoudron
Ongedististilleerde Stearine
Oleine (ex special talk)
Kokospalmpitvetzuren
Gesplitste Kokosolie
Gesplitste Palmpitolie
Olijfvetzuren
Gesplitste Raapzaadolie
Gesplitste Talkvetzuren
Vetzuurgoudron
Oleinegoudron
Gesplitste Blancy Fancy Tallow
Technisch Vet
Raffineerde Palmvetzuren
Gesplitste Palmvetzuren
Gesplitste Palmolie
Gesplitste Soyaolie
Maisolievetzuren
Ruwe Glycerine
Heptaanzuur
Topsel Palmpitolie
Isostearinezuur
Palmstearine
N.T. Stearine (ex Unichema Emmerich)
Stearinegoudron
Gedistilleerde Stearine
Oleine (ex beenvet)
Gesplitste K.K.P. vetzuren
Topsel Kokosolie
Gesplitste Raapzaad (ex Condea)
Gesplitste Olijfvetzuren
Special Talk
Ongedististileerde gesplitste
Gesplitste Vetzuren
Vetzuurpek
Gedistestileerde Talk
Gesplitste Tech. Vet
Palmolievetzuren (ex UMZ)
Gedististileerde Palmvetzuren
F.H. Palmolievetzuren
Zonnebloemvetzuren
Gedististileerde Talkolievetzuren
Oleine

Deze producten werden niet allemaal met de schepen vervoerd. De meesten werden net zoals bij de 'Unimills Zwijndrecht' met tankauto's vervoerd. Ik heb het echter geplaatst om u te laten zien wat er door raffinage van ruwe oliën en vetten allemaal ontstaat.


Methyl Esters

Dit soort lading hebben we bij Alvracht nooit vervoerd, maar mag toch niet ontbreken op deze lijst. Er zijn in Azië nu veel raffinaderijen gebouwd om zelf de ruwe producten te raffineren. Daardoor worden deze 'specials' nu kant en klaar aan met Stolt Tankers in Rotterdam aangevoerd en met de huidige vloot van schepen met r.v.s. tanks naar het achterland vervoerd.

acid pt 1 0
acid 1299
acid lauric
dest fatty acid
fatty alc 65%
palm midfractie
hard acid c8 cl 0
kort acid 1698 palitic zuur
acid 1499
acid caprilyc
caprine zuur
fatty acid
gedist cnfa (cocos vetzuren)
sfhq
V 600 Mix fatty acid
sfsq (zonnebloemester)
acid pkgh
acid pkg 03
dest f acid typ palmac
fatty alc 70%
methyl ester
palm fatty acid dest
Tal oil fatty acid
DTPKFA

Vervoer en verwarming


Alhoewel het vervoer met speciale schepen gebeurt, is dat niet geheel zonder problemen. Diverse producten vereisen elk een bepaalde temperatuur wil alles goed verlopen. Een overzicht daarvan is te vinden in de tabel "Soortelijke massa Oliën"
De temperatuur die daar vermeld staat, is meestal de aanbevolen temperatuur. Vooral bij producten met een laag kookpunt is deze in verband met verbranden, niet te hoog. Maar palmolie echter wilt men bij 55 graden lossen. Dat is beter voor de olie. Vroeger toen er veel van deze tankschepen geen verwarming hadden, zou dat, tegen de tijd dat men moet lossen, naar een graad of 40-45 of zelfs minder afgekoeld zijn. Daardoor bleef er dan teveel lading in de tanks achter. Wilde men dat voorkomen dan kon dat alleen door met een hogere temperatuur bij het laden. Nu hebben (bijna) alle schepen verwarming en als men laadt bij 55 graden en gelijk de eigen verwarming aanzet, stolt de lading niet, dat is beter voor het product en makkelijker bij het lossen. Zo zijn wel meer brandstofkosten voor de vervoerder!! Want verwarmen met stoom van de wal, wat men bij schepen zonder eigen verwarmingsketel deed, was meestal voor rekening van de ontvanger.



zonder
In 1982 kwam de 'Alvracht 8', de tweede met die naam,
de vloot versterken. Het schip mat 580 ton. [DB 02311691]
Inzender: Jos Telleman. (groter formaat)

Een paar wist u datjes over Alvracht:


* Het verwarmen van de lading was noodzakelijk omdat anders de lading niet of slechts met moeite verpompt kon worden. De tegenwoordige schepen hebben een eigen verwarming. Vroeger werd een enkeling wel aangesloten op de stoomleiding van het pompstation. In dat geval betekende dat, tenzij het gedurende de nachts kon gebeuren, wel wat een tijdverlies.



nawoord


Ik hoop dat u dit iets verder helpt bij u vraag, wat zijn eetbare oliën en vetten. U staat er niet bij stil maar u gebruikt het dagelijks, u smeert het dagelijks op uw brood, braad uw vlees in, het zit in snoep, koekjes, voor uw salade's smaak te geven, frituurt ermee, wast uw haar met shampoo, gebruikt het onder de douche, wast uw haar met shampoo, scheerschuim om te scheren, make up, u doet er uw was mee en het zit in de wasverzachter, dat allemaal met eetbare oliën en vetten en dan niet te vergeten zoals smeerolie voor allerlei andere doeleinden en ga zo maar door.

Alvracht schepen op: Binnenvaarttaal:
Alvracht 3
Alvracht 16
Alvracht 5 in het ijs en ook

Meer Alvracht, tankvaart en spijsolie op
Foto's van schepen en werk van Jos Telleman.

Bronnen:
Boek Historie Alvracht en Elbe, Cursus Oliën en Vetten, Wikipedia, archief Jos Telleman.

Van de redactie: Jos Telleman en velen met hem gebruiken de term eetbare olie. Ik heb dit hier en daar vervangen door de term 'spijsolie' omdat ik dat beter uit vond komen. Zo U echter hebt kunnen lezen zijn geen van beide termen correct, want de grondstoffen die vervoerd worden leveren niet altijd eetbare producten. Men zou dus beter kunnen spreken van 'Natuurlijke oliën' maar ja, taal laat zich nu eenmaal niet dwingen, dus moeten we maar genoegen nemen met deze twee termen.



Tekst en afbeeldingen, tenzij anders vermeld: Jos Telleman.



Bestandsrevisie 16-6-2020
© 1997-heden; Vereniging 'De Binnenvaart', Dordrecht. Redactie: Pieter Klein, Ede.
De rechthebbenden kunnen niet aansprakelijk gesteld worden voor de gevolgen van het gebruik van deze site,
noch voor de gevolgen van het gebruik van de in deze site opgenomen links!
Deze site gebruikt cookies!
Zonder toestemming vooraf, is gehele of gedeeltelijke overname van enig deel uit 'Binnenvaarttaal' verboden! Kopie├źn naar Facebook, Pinterest, en andere doorgeefluiken zijn niet toegestaan!
Over het algemeen zullen de inzenders van het materiaal een verzoek
tot het gebruik van het getoonde materiaal inwilligen. (meer informatie)

Deze site is geoptimaliseerd voor een resolutie van 1024x768 px.,

U wordt verzocht eventuele gebreken te melden!  (meer informatie)

Mijn dank gaat uit naar ALLEN, die mij met deze site helpen of geholpen hebben.

Pieter Klein:
Redacteur, auteur, ontwerper en webmaster.



Statistieken