banner
Naar de Verenigingssite Naar Binnenvaarttaal

50 Jaar West-Europese duwvaart 1957-2007




Klik op de foto voor groter formaat!

Een bijdrage van Leo Schuitemaker.

In 2007 was het vijftig jaar geleden dat de duwvaart op de Rijn haar intrede deed. De optimisten uit die tijd zagen in de duwvaart een geheel nieuwe manier van vervoer voor grote hoeveelheden bulkpartijen. De pessimisten zagen in deze vervoerswijze alleen maar nadelen, goed voor de zeer brede Amerikaanse rivieren, maar totaal ongeschikt voor de drukke Rijnvaart. De toekomst zou het wel bewijzen. Vandaag aan de dag, na vijftig jaar duwvaart in de Rijn- en binnenvaart kan men zich niet meer voorstellen hoe het zou zijn zonder duwvaart. De enorme duweenheden zijn een net zo vertrouwd beeld geworden in de Rijnvaart als destijds de slepen bestaande uit een sleepboot met soms wel 10 sleepschepen in aanhang. Niet alleen de grote duwvaart, maar ook de kleine duwvaart, heeft zich een plaats weten te veroveren op de binnenwateren.
 wasserbuffel

De WASSERBUFFEL was de eerste nieuwgebouwde duwboot op de Rijn.


Waarom duwvaart?


De aanleiding hiertoe was het in de midden van de vijftiger jaren sterk gestegen vervoer van erts naar de hoogovens in het Ruhrgebied. Deze stijging was een gevolg van de sterk toegenomen produktie van deze hoogovens, waardoor de ertsaanvoer in enkele jaren tijds was verdubbeld. De prognoses waren dat tot 1960 nog met een aanmerkelijke stijging van de ertsaanvoer kon worden gerekend. De gezamenlijke internationale Rijnvloot had zich in 1956 tot het uiterste moeten inspannen om het grote vervoersaanbod te verwerken en was daarin geslaagd omdat 1956, wat betrof de waterstand op de Rijn, uitzonderlijk gunstig was geweest. Veel hogere prestaties dan die van het jaar 1956 mochten echter niet van de toenmalige vloot worden verwacht; er was eerder met een zekere teruggang te rekenen, indien de waterstand minder gunstig zou zijn dan in 1956. Vlootuitbreiding zou een alternatief zijn om aan de enorme vervoerstoename het hoofd te kunnen bieden.
Hierbij liep men echter tegen verschillende problemen aan. Hoe kreeg men voldoende bemanning voor de grotere vloot, terwijl men al moeite had om de toenmalige vloot van voldoende personeel te voorzien. Daarnaast rees de vraag waar werven gevonden konden worden die in staat waren tijdig nieuwe schepen af te leveren.

damco

De mslb DAMCO 9 met sleep te Unkel (D).

Deze problemen vormden de aanleiding om een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheden van een totaal gewijzigd scheepvaartsysteem waarbij enerzijds kon worden volstaan met minder bemanning en anderzijds naar een eenvoudiger constructie van de scheepsvorm, zodat in een sneller tempo kon worden gebouwd. Hierbij kwam men eigenlijk vanzelf op het systeem van "duwvaart", zoals die in het algemeen in Amerika al sinds 1900 werd toegepast.


Het begin van de duwvaart op de Rijn.



Twee Nederlandse en twee Duitse rederijen, respectievelijk de N.V. Nederlandsche Rijnvaart Vereeniging en de N.V. Handels- en Transportmaatschappij "Vulcaan", Fendel Schiffahrts A.G. en Raab Karcher G.m.b.H. lieten in 1957 voor gezamenlijke rekening de duwboot 'Wasserbüffel' en vier duwbakken bouwen. De afmetingen van de bakken waren 64,00 m lang, 9,20 m breed met een diepgang van 2,75 m. De tonnage per bak bedroeg 1310 ton. Op 3 september 1957 liep de duwboot van stapel en waarna al snel daarna de technische proefvaart en de overdracht volgden. Op 27 oktober 1957 vertrok de 'Wasserbüffel' met haar vier lege duwbakken richting Rotterdam. Op 29 oktober werd Lobith gepasseerd en kon de Nederlandse binnenvaarder kennismaken met het fenomeen "duwvaart". Op zondag 3 november vertrok de 'Wasserbüffel' , onder gezag van kapitein Joh. Weiler uit Bacharach, met vier geladen bakken vanuit Rotterdam naar Duisburg.

wasserbuffel

De WASSERBUFFEL met vier bakken.


De 'Wasserbüffel' was echter niet de eerste duweenheid die de Rijn bevoer. Dit was de omgebouwde motorsleepboot 'President Herrenschmidt' van de Franse rederij CGNR uit Straatsburg. Na een aantal proefvaarten op de Amer en de Noord vertrok de 'President Herrenschmidt' op 14 september 1957 uit Wesselinge met de met briketten geladen duw/sleepschepen 'Navis 3'en 'Navis 4' naar Straatsburg. Op 18 september kwam de duweenheid daar in haar thuishaven aan.

duwproef

De eerste duwvaartproeven op de Rijn
werden gehouden met de omgebouwde sleepboot PRESIDENT HERRENSCHMIDT.


Duwvaart en de particuliere scheepvaart.



Duwvaart riep in de beginperiode weerstand op van de particuliere scheepvaart. Sommige schippers vergeleken de duwvaart zelfs met een waterstofbom. Men verwachtte er alleen maar rampen van. Als we een citaat uit het artikel "Duwvaart en de particuliere schipperij" uit het weekblad Schuttevaer van 7 juni 1957 citeren lezen we hierin:
 "Verstandige mensen hebben gemeend een proef te moeten nemen met een nieuwe bron, de duwvaart. Nu is het natuurlijk uitstekend en zelfs noodzakelijk, dat men daarover niet eenzijdig gaat juichen en dat men een open oog heeft voor de nadelen, waaronder stellig ook de nautische problemen, verband houdend met de overige vaart een belangrijke rol spelen. Het is echter beslist verkeerd alleen maar een afwijzende houding aan te nemen. Niemand weet natuurlijk welke kant het uit zal gaan met die duwvaart. Maar dat enige rederijen bereid zijn er een paar miljoen gulden in te steken kan toch wel worden beschouwd als een vingerwijzing, dat men er reële mogelijkheden in ziet. Als de proeven, die thans worden genomen gunstig uitvallen - waarbij natuurlijk ook behoort, het gedrag van een duweenheid tegenover andere schepen - dan komt de duwvaart er onherroepelijk.

Particuliere vaart zal in de duwvaart naar alle waarschijnlijkheid nog meer, dan in de thans bestaande vaart, samenwerking van de particulieren eisen. Het is zelfs de vraag of particuliere duwvaart zonder samenwerking van de betrokkenen mogelijk is. Daar moet men zich thans wel zeer goed op bezinnen. De particuliere schipperij moet niet blijven toekijken. En zij moet ook niet de duwvaart afwijzen, alleen op grond van het feit, dat deze methode van varen niet in het belang lijkt van de particuliere vaart. Iedereen moet mee in de technische ontwikkeling, of hij wil of niet. En dan is het toch altijd beter mee te profiteren van nieuwe technische mogelijkheden dan deze koppig van de hand te wijzen."
Dat de redactie van het weekblad Schuttevaer hierbij een zeer reële blik op de toekomst had valt niet te ontkennen.



De eerste jaren van de duwvaart.




03 OLIVIER VAN NOORT 2310477

De OLIVIER VAN NOORT was de eerste Nederlandse duwboot in 1959.


Naar aanleiding van het succes van de vaarten(3) met de 'Wasserbüffel' lieten in de jaren daarna de bij de duwvaart-experiment betrokken rederijen zelf eigen duwboten bouwen en namen vervolgens zelfstandig aan de duwvaart deel. Rederij Fendel liet hiervoor in 1960 de motorsleepboot 'Gotlieb Jager' tot duwboot ombouwen. De overige rederijen lieten echter nieuwbouw plaatsvinden. Eind 1960 waren er reeds zes originele duwboten in de vaart. Deze duwboten waren gemiddeld 36,00 m lang, tussen de 9,35 en 9,50 m breed en het motor- vermogen bedroeg in de meeste gevallen 2 x 630 pk Deutz. De duwbakken van het type Europa I werden gestandaardiseerd en hadden de afmetingen: 70,00 m lang, 9,50 m breed en 3,00 m diepgang en een laadvermogen van ca. 1650 ton.

 
zwaluwstaart

In de beginjaren van de duwvaart werd in de afvaart
in een zogenaamde “Zwaluwstaart” formatie gevaren.
 

De Franse rederij CGNR liet in navolging van de 'President Herrenschmidt' de 2400 pk sterke motorsleepboot 'Paul Vidal' ombouwen tot duwboot. Na uitvoerige experimenten op het traject Ruhrort-Straatsburg werd door de CGNR op 16 maart 1959 opdracht gegeven aan de werf De Biesbosch te Dordrecht tot het bouwen van de dubbelschroefs duwboot 'Gaston Healing'. Alle opgedane ervaringen met de beide omgebouwde sleepboten werden hierin verwerkt. De duwboot kwam in november 1959 in de vaart.

Gaston

GASTON HEALING.

Kort daarna werd door CGNR aan dezelfde werf opdracht gegeven tot het bouwen van de drieschroefsduwboot 'Lyon'. Dit was voor de werf De Biesbosch het begin van een hele serie opdrachten tot het bouwen van allerlei duwboten voor zowel de CGNR als voor anderen. De Biesbosch werd hiermee de duwvaartwerf bij uitstek. De Franse duwvloot groeide uit tot de grootste duwvaartrederij op de Rijn. In 1963 bestond de duwvloot reeds uit ca. 16 duwboten.
 
hercules

De  HERKULES is gebouwd door twee sleepboten, de monopool D113 en D142,
  samen te voegen en heeft dus een duo-romp.

Een apart hoofdstuk in de duwvaartgeschiedenis vormt de Duitse rederij Krupp. Deze rederij had in 1957 opdracht gegeven aan een werf in Ruhrort tot het bouwen van een serie van tien kleinere (duw)bakken. De bakken hadden de afmetingen van 15 m lang en 15 m breed. De tonnage bedroeg circa 500 ton. De eerste bak werd reeds in maart 1957 opgeleverd. Volgens berichten van de rederij zou het hier om een z.g. "Schwerlastflosse" handelen en zouden de gekoppelde bakken door twee sleepboten moeten worden gesleept. Zover is het nooit gekomen. Pas in mei 1959 kwam de uit twee sleepboten samengestelde duwboot 'Herkules' in de vaart, die met de tien duwbakken tussen Rheinhausen en Rotterdam ging pendelen. Het geheel was echter vanwege de geringe vaarsnelheid en het vele koppelen geen succes en heeft geen navolging gekregen.


radar

Het radarvaren in de zestiger jaren was nog echt teamwerk.

 

De zestiger en zeventiger jaren.



De zestiger jaren kenmerkten zich door een forse toename van het aantal nieuwgebouwde duwboten. Van 1961 tot 1970 kwamen er 34 nieuwe duwboten met een motorvermogen van 1000 pk en meer in de vaart; 1965 vormde hierbij een uitschieter met vijf duwboten. Rond 1968 verschenen de eerste Europa II duwbakken, met de afmetingen 76,50 x 11,40 m en 3,50 m diepgang en een laadvermogen van circa 2400 ton, op de Rijn. In de zeventiger jaren volgde nogmaals een tonnagevergroting met het in de vaart komen van de Europa IIa duwbakken, met de afmetingen 76,50 x 11,40 m en 3,90 m diepgang en een laadvermogen van circa 2700 ton.
 
Het bij duwboten toegepaste motorvermogen nam vanaf 1957 tot 1970 regelmatig toe van 1260 pk tot circa 2500 pk. In de periode 1971-1974 volgde een sprongsgewijze ontwikkeling waarbij het nieuw, of bij verbouwing, geïnstalleerde vermogen opliep tot 4000 pk. De tweede generatie duwboten had een vermogen tot 4000 PK, maar werd direkt daarna gevolgd door de derde generatie duwboten met een vermogen tot 6000 PK. Het is duidelijk dat met deze toename gemikt werd op een ontwikkeling van de 6-bakkenvaart. Tussen 1971 en 1974 kwamen er maar liefst 37 nieuwe duwboten met een motorvermogen van 1000 pk en meer in de vaart. Daarna stagneerde de vraag en kwamen er tot en met 1980 nog maar zes duwboten bij. Het topjaar in deze periode vormde 1972 waarin 14 duwboten in de vaart kwamen. In dit jaar kwam ook de 'Herkules III' in de vaart met maar liefst 3 x 2000 pk.

hercules III

HERCULES III.


In 1971 werd de LASH-bak (Lighter Aboard Ship) geïntroduceerd. Deze kleine duwbakken, met de afmetingen van 18,75 x 9,50 m en met een laadvermogen van ca. 375 ton, werden in Amerika met lading en al aan boord van een speciaal daarvoor gebouwd zeeschip genomen om zo verder vervoerd te worden naar b.v. Rotterdam. Daarvandaan werden ze naar diverse bestemmingen in Nederland, België of Duitsland gebracht. De bakken waren echter niet voorzien van ankers, koppellieren e.d. Het koppelen van deze bakken kostte veel inspanning en ook de ontvangers waren niet zo blij met de LASH-bakken. Ze lagen veelal in de weg, konden niet voor anker worden gelegd en waren moeilijk af te meren.

lash

mslb. ELISABETH achter een LASH-bak.


Later kwamen hierbij nog andere kleinere duwbakjes bij; de Bacoliners (Barch and Container). Beide vervoersvormen voldeden niet aan de verwachtingen en hebben echter nooit grote vormen aangenomen. 
In 1974 gaf de Duitse Bondsregering toestemming voor de vaart met zes Europa IIa-bakken (ca. 16.000 ton) op het trajekt Emmerich-Koblenz. Hiermee deed de zesbaksduwvaart haar intrede op de Rijn.
 

Particuliere duwvaart.



In juni 1963 werd bij de scheepswerf De Biesbosch in Dordrecht de eerste particuliere duw- eenheid 'Credo-Pulsa' opgeleverd. Het betrof hier de omgebouwde, en nog steeds in de vaart zijnde, motorsleepboot 'Credo' met de nieuwgebouwde duwbak 'Pulsa'. In het najaar van datzelfde jaar volgde de omgebouwde motorsleepboot 'Maria Cornelia' met de nieuw- gebouwde duwbak 'Marthijs'. In 1963 werden ook de Duitse particuliere motorsleepboten 'Stefan' en 'Alexander' tot duwboot omgebouwd. De jaren erna werden gekenmerkt door een slechte vrachtenmarkt.

credo

Duwsleepboot CREDO.


Pas in de zeventiger jaren kwam de ontwikkeling van de particuliere duwvaart goed op gang. Het waren de sleepbooteigenaren die hun sleepboten lieten voorzien van een duwsteven en hiermee inspeelden op de vraag naar 'duwkracht'. Zij werden voornamelijk eerst in de havengebieden ingezet maar gingen weldra ook met één of twee bakken deelnemen in de nationale en internationale duwvaart. Het "op maat" kunnen uitvoeren van duwvaart is de grote kracht van de particuliere duwbooteigenaar.

In 1973  werd de duwboot 'Wasserbüffel' verkocht aan particuliere eigenaren; zij werd herdoopt in 'Karbouw'. Hiermee was de vierbaksduwvaart niet meer alleen een aangelegenheid van de grote rederijen.

karbouw

De KARBOUW in volle glorie. (noot1)




donau

De duwboot DONAU is gebouwd in 1972.

 

De tachtiger jaren.



Het begin van de tachtiger jaren gaven een opleving van de duwvaart te zien. In 1981 kwamen maar liefst zeven nieuwe duwboten met een motorvermogen van 1000 pk en meer in de vaart, waaronder vier particuliere duwboten. In 1982 werden nog vier en in 1983 nog drie duwboten per jaar opgeleverd. Daarna duurde het tot 1987 waarin weer vier duwboten aan de vloot werden toegevoegd.

In de tachtiger jaren wisselden veel duwboten van eigenaar, o.a. van rederijen naar particuliere eigenaren en stopten diverse rederijen met de exploitatie van duwboten. Daarnaast was er een toename in het aantal duwmotorschepen, die geschikt zijn voor het duwen van drie duwbakken. Anderzijds was er een toename van duwboten met een motorvermogen tussen de 1500 en 3000 pk, die veelal met één (grote) vaste duwbak gingen varen.

helena johanna

Duwboot HELENA-JOHANNA;
in 1962 onder de naam KROKODIL te water gelaten.


Van de grote tot duwboot omgebouwde sleepboten werden er diverse afgevoerd naar de sloop. In 1983 werd ook voor het eerst een aantal originele duwboten voor de sloop verkocht en kregen in 1985 drie duwboten de Donau als werkterrein.
Het einde van de tachtiger jaren kenmerkte zich door een daling in het ertsvervoer, i.v.m. noodgedwongen productievermindering bij een aantal Duitse hoogovens.

pelikaan

De PELIKAN (ex VULCAAN I) werd in 1983 gesloopt.



Zesbaksduwvaart op de Benedenrijn.



De Duitse Bundesregering had reeds in 1974 toestemming verleend voor de vaart met zes bakken op het traject Emmerich-Koblenz. Sinds die tijd was de zesbaksduwvaart op de Benedenrijn regelmatig een punt van gesprek bij Rijkswaterstaat. Vooral het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam en de Duitse hoogovenbedrijven waren een groot voorstander van het invoeren van deze schaalvergroting.

Op 13 april 1983 besloot de minister van Verkeer en Waterstaat om op de vaarroute Rotterdam-Duitse grens een aantal meetvaarten uit te voeren met vier- en zesbaks duwstellen. De meetvaarten, die in dit jaar werden uitgevoerd, hadden tot doel om op nautisch en technisch gebied een scherper beeld te krijgen van de voor- en nadelen van de zesbaksduwvaart t.o.v. de vierbaksduwvaart. Als vervolg op de meetvaarten in 1983 besloot de minister van Verkeer en  Water-staat om vanaf 15 januari 1986 t/m 15 januari 1987 een proefjaar voor het varen met zesbaksduwstellen in te stellen. Er moest dan echter wel aan diverse kriteria, ten aanzien van o.a.: waterstanden, windsterkte, aanwezigheid van koproeren, enz. voldaan worden.

hercules v

Zesbaksduweenheid HERCULES XV.

Vanaf 1987 mogen duwboten met een officiële vergunning, mits wordt voldaan aan bepaalde kriteria, ook op het Nederlandse gedeelte van het trajekt Rotterdam-Koblenz met zes bakken varen.


De negentiger jaren.



De negentiger jaren werden ingezet door de stapelloop en het in de vaart brengen van de uiterst moderne 'Veerhaven VII - Walrus', welke de oude 'Walrus' in 1990 verving. Deze oud- gediende werd afgevoerd naar de sloop. De in december 1990 in de vaart gebrachte 'Veerhaven VII" is een toonbeeld van wat men gerust kan stellen als zijnde een "vierde generatie"-duwboot. Om een nog verder gaande brandstofbesparing te bereiken waren hier de flankingroeren vervangen door twee boegschroeven van elk 500 pk.

verhaven vii

Veerhaven VII 'Nijlpaard' met links het koppelverband 'Jabo'.


In 1993 werden er bij scheepswerf Made in Made voor rekening van de Franse rederij CFNR een drietal identieke duwboten gebouwd. Dezen worden ingezet op de Moezel, één daarvan is de 'Robert-David".
 
Robert David

Duwboot ROBERT-DAVID.


Op 27 februari 1997 kwam voor de duwvaartrederij Veerhaven BV uit Brielle haar nieuwste aanwinst de duwboot 'Veerhaven VIII - Nijlpaard' in de vaart. Zes jaar nadat de laatste grote Rijnduwboot, de 'Veerhaven VII - Walrus', in 1990 van stapel liep, werd in februari 1996 aan de BV Scheepswerf & Machinefabriek De Biesbosch-Dordrecht de opdracht verstrekt om een zusterschip te bouwen. In april '96 werd gestart met bouwnummer 870, op 23 september werd de kiel gelegd en op 19 december volgde de tewaterlating. De duwboot is uitgerust met een plaats- bepalingssysteem. Door koppeling met een boordcomputer en invoering van gegevens over waterstanden e.d. draagt dit systeem bij aan een zo economisch mogelijk brandstofverbruik.

Op 1 augustus 1997 vond de overdracht van de derde, in de negentiger jaren nieuwgebouwde, duwboot plaats. Het betrof hier de particuliere duwboot 'Barbazel' van de heer Verstraeten uit België. Het vaartuig verving de in 1961 als 'Stoos' in de vaart gekomen duwboot, die naar de sloop is afgevoerd.

stoos

De duwboot STOOS met twee tankduwbakken.


De 'Veerhaven IX - Dolfijn' was in 1998 onder bouwnummer 880 de laatste duwboot die bij de befaamde duwvaartwerf De Biesbosch in Dordrecht werd gebouwd. De werf moest helaas in 2000 haar poorten sluiten.

 

De 21e eeuw.



Vanaf 2000 is er een aantal kleinere duwboten in de vaart gebracht. In juni 2007 kwam  er echter weer een grote duwboot in de vaart. De rederij Thyssen Krupp Veerhaven BV in Brielle had opdracht gegeven voor de bouw van de 'Veerhaven X - Orka'.

veerhaven x

VEERHAVEN X - ORKA. 

Conclusie.

Na vijftig jaar kunnen we concluderen dat de duwvaart is uitgegroeid tot een specialistische bedrijfstak, die zorgt voor een optimaal transportsysteem in de Rijn- en binnenvaart.
Of het nu gaat om erts, kolen, granen, veevoeder, zand, grind, olie, gas, containers, auto's, jachten of zwaar transport, alles kan "op maat" vervoerd worden door de duwvaart.





rene siegfried

Rene Siegfried.

Expositie 50 jaar West-Europese duwvaart 1957-2007



In het binnenvaartmuseum aan boord van de duwboot 'Rene Siegfried' werd in 2007 een expositie over 50 jaar West-Europese duwvaart gehouden. Te zien waren onder andere een overzicht van alle nieuwgebouwde duwboten die op de scheepswerf De Biesbosch gebouwd zijn en een groot aantal scheepsmodellen van duwboten.
Inmiddels heeft de tentoonstelling alweer plaats gemaakt voor andere, maar het museum en het documentatiecentrum zijn altijd een bezoekje waard.
De 'Rene Siegfried' is elke donderdag van 10.00 tot 15.00 uur geopend en is gevestigd aan de Maasstraat te Dordrecht. Daarnaast is er op de website van de vereniging, in de schependatabase een compleet overzicht, inclusief foto’s, op te vragen van (bijna) alle duwboten.
Ook op 'Binnenvaarttaal' is er het één en ander over de duwvaart te vinden: zie menu 'Duwvaart' en menu 'Albums'.


Veel over het onderwerp 'Duwvaart' is ook te lezen in alle nummers van 'Binnenvaart' jaargang 2007. Het blad, dat 6x per jaar verschijnt, bevat natuurlijk doorlopend hoogst interessante artikelen en verhalen met betrekking tot de binnenvaart (jaargangen index). Een abonnement is gekoppeld aan het lidmaatschap van de vereniging en kost, anno 2009, € 36,- (voor 60+ : € 27,-) per jaar. U kunt zich hier aanmelden/opgeven.





Foto's:
Wasserbuffel, Loreley 1957. Bubenheim-archief, G. Dexheimer.

Damco 9 te Unkel. Archief Leo Schuitemaker.

Wasserbüffel (SchepenDB) met 4 bakken. Archief Leo Schuitemaker.

President Herrenschmidt  + Navis 3 en 4, aug 1957. Foto G. Dexheimer.

Olivier van Noort, SchepenDB. © archief Hans Schuitemaker.

Zwaluwstaartformatie. © archief Hans Schuitemaker.

Gaston Haelling, SchepenDB. G. Dexheimer.

Herkules. Archief Vereniging 'De Binnevaart'.

Radarvaren in de zestiger jaren. © archief Hans Schuitemaker.

Hercules III, SchepenDB. Foto G. Dexheimer.

Elisabeth. Foto Leo Schuitemaker, Rotterdam 7-12-2005.

Credo, Foto: Leo Schuitemaker, Volkeraksluizen 16-9-2007.

Karbouw, SchepenDB. © Leo Schuitemaker Schelde-Rijnkanaal 1984.
Volgens dHr v.d. Velde uit Dinteloord fungeert het voorste deel thans als woonschip te Dinteloord.

Donau, SchepenDB. Foto: © Leo Schuitemaker Nieuw Vossemeer 3-8-2005.

Helena-Johanna. Foto: Leo Schuitemaker, Rotterdam 4-06-1997.

Pelikan, SchepenDB. Foto: Hans Schuitemaker.

Hercules XV, SchepenDB. Foto: Leo Schuitemaker Beneden Leeuwen, 5-10-2007.

Veerhaven VII (SchepenDB) + Jabo (SchepenDB). Foto: Sliedrecht 29-6-2006 © Leo Schuitemaker.

Robert-David, SchepenDB. Foto: Leo Schuitemaker, Koblenz 11-06-1993.

Stoos. Foto: Archief Leo Schuitemaker.

Veerhaven X 'Orka', SchepenDB, [A>] Foto: © Leo Schuitemaker, Beneden Leeuwen 5-10-2007.

Rene Siegfried. Foto: Dordrecht 25-1-2007 © Leo Schuitemaker.

Tekst © Leo Schuitemaker.



© 1997-heden; Vereniging 'De Binnenvaart', Dordrecht. Redactie: Pieter Klein, Haarlem.
De rechthebbenden kunnen niet aansprakelijk gesteld worden voor de gevolgen van het gebruik van deze site, noch voor de gevolgen van het gebruik van de in deze site opgenomen links!
Deze site gebruikt cookies!
Zonder toestemming vooraf, is gehele of gedeeltelijke overname van enig deel uit 'Binnenvaarttaal' verboden!
Over het algemeen zullen de inzenders van het materiaal een verzoek tot het gebruik van het getoonde materiaal inwilligen. (meer informatie)

Deze site is geoptimaliseerd voor een resolutie van 1024x768 px.,

U wordt verzocht eventuele gebreken te melden!  (meer informatie)

Mijn dank gaat uit naar allen, die mij met deze site helpen of geholpen hebben.

Pieter Klein:
Redacteur, auteur, ontwerper en webmaster.




Statistieken